Leesgoed-plus

Boek

In de novelle Juwelen van stras, spelend tijdens de Tweede Wereldoorlog, vertelt het joodse meisje Elske over haar onderduiktijd bij vreemde mensen in een groot huis in de bossen.

cover

Ze krijgt een nieuwe achternaam en moet onthouden dat ze uit Middelburg komt en niet uit Arnhem waar ze met haar ouders en broers woonde. En ze krijgt opeens allemaal nieuwe ooms, tantes en nichtjes.

De zes- of zevenjarige Elske is zeer taalgevoelig en sensitief. Ze heeft het goed in het grote huis, maar weet intuïtief dat er vragen zijn die ze niet moet stellen, bijvoorbeeld waar haar ouders en broers zijn. Zwijgen is sowieso een belangrijk thema in het boek. Haar verdriet blijft impliciet, bijvoorbeeld door het luisteren naar de geheimzinnige klaagvogel, die pieuw! zegt.
Tegelijkertijd is er ook troost: van de eenden in de vijver achter het huis, van het verhaal De gebroken rietstengel dat medeonderduiker Leendert vertelt, van het vogeltje van strassteentjes dat ze krijgt, en vooral van oom Jo-tje, die eenzelfde gevoeligheid voor taal heeft als zij. Ze leert hem kennen in restaurant Het Silveren Seepaerd, waar hij Elske en haar nieuwe nichtjes trakteert op een diner.
Oom Jo-tje en Elske weten elkaar te raken in iets essentieels: taal, woorden, poëzie. Als oom Jo-tje haar vraagt wat ze het liefst doet, antwoordt ze: Luisteren naar de klaagvogel. Hij inspireert haar om versjes te gaan schrijven. Als oom Jo-tje ook moet onderduiken wordt Pieuw! hun geheime wachtwoord.   

Het verhaal begint en eindigt in de tegenwoordige tijd, als Elske hoort dat Het Silveren Seepaerd verwoest is (*) en ze er een tekening van gaat maken voor oom Jo-tje. Daartussenin vertelt Elske in de verleden tijd over de maanden die daaraan vooraf gingen.

Het is knap zoals Carli Biessels een sfeer van oorlog en gevaar oproept vanuit het perspectief van een meisje dat zelf vooral genegenheid en goedheid ervaart, en geen armoede of honger.

De verteltrant is sober en ingetogen. Elk woord is zorgvuldig op z'n plaats gezet. Woorden en beelden zijn vaak poly-interpretabel: wie Jo-tje hardop uitspreekt, hoort joodje; de bloem die in Elske's tuintje gaat bloeien is niet voor niets oranje. De tekst is subtiel, compact en suggestief: Ze (de eenden) lieten niet merken dat ik daar vreemd was.

De auteur schrijft niet modieus, doet geen knieval naar kinderen toe. Ze gebruikt veel symboliek: het verhaal over de gebroken rietstengel verwijst naar Jesaja 42:3 uit het Oude Testament. Als Leendert in zijn verhaal zegt Het is wintertijd slaat dat ook op de oorlogstijd, evenals bij Winterijs van Peter van Gestel (Woutertje Pieterse Prijs 2002). De klaagvogel wekt associaties op met de Klaagliederen van Jeremia, de klaagmuur en de profeet Jona: Jona, letterlijk duif in het Hebreeuws, betekent klaagvogel (**). En de vogel die Elske tekent op de puinhopen van Het Silveren Seepaerd, lijkt op de vogel van stras die ze van oom Jo-tje heeft gekregen, maar je kunt er ook de vogel Phoenix in zien die uit zijn as herrijst: een krachtig hoopvol teken aan het eind van dit mooie, gevoelige verhaal. 

*) Bij het bombardement op Nijmegen, op 22 februari 1944, waarbij 800 doden vielen, is inderdaad ook hotel Het Silveren Seepaerd verwoest, (LvD & JvH)

**) De auteur heeft in onder meer VPRO-gids 16, 17-23 april 2010, aangegeven het niet eens te zijn met deze naar de bijbel verwijzende interpretatie. Overigens vindt ze bovenstaande analyse verder een 'prachtige bespreking van de tekst. De mooiste die ik heb. Verreweg.' (uit een mail van CB aan LvD 14 maart 2010)