Praten
Over Elske
's Avonds keek ik weer in het boek met de miniaturen. Ik wist de weg al in de diepe tuinen. Ik kende er plaatsen waar nooit iemand kwam, alleen mensen die elkaar niet mochten ontmoeten. Misschien hadden mijn broers ook zo'n boek. Of mijn vader en moeder. Toen ik dat gedacht had, deed ik het boek gauw dicht. Sommige dingen moet je niet denken. (p. 36)
Elske is de hoofdpersoon van het boek. Hoe oud denk je, dat ze is? Waarom denk je dat? Praat er samen over.
Wat voor meisje is Elske? Is ze dom of slim, stil of druk, stijf of lenig, gelukkig of zielig, gek of gewoon, grappig of saai, eerlijk of gemeen? Heeft ze veel of weinig fantasie, veel of weinig vragen, veel of weinig vrienden, veel of weinig talent? Vertel elkaar wat je van Elske vindt en lees daarbij een stukje uit het boek voor waarin staat wat jij vindt.
Begrijp je Elske altijd of soms niet? Zoek een stukje over Elske dat je goed begrijpt of juist niet en praat daar samen over.
Elske denkt weinig aan haar vader, moeder en twee broers. Of denkt ze juist veel aan hen? Zou jij als je Elske was, meer aan je vader, moeder en broers denken dan zij?
Zou Elske een vriendin van jou kunnen zijn of niet? Waarom?
Over oom Jo-tje
Ik ging naar Het Silveren Seepaerd! Een oom die ik nog nooit gezien had, had dat bedacht. (p. 41)
Oom Jo-tje is een belangrijk iemand in het boek. Wat voor man is hij, denk je? Is hij rijk of arm, deftig of gewoon, al heel oud of nog jong, aardig of vervelend, groot of klein? Wat kan hij goed? Hoe ziet hij eruit? Praat er samen over en lees stukjes uit het boek voor waarin staat wat jij vindt.
Is oom Jo-tje anders dan de andere ooms? Waarom vind je dat? Zeg zijn naam hardop, wat hoor je dan? Wat zou zijn naam kunnen betekenen?
Waarom vindt Elske hem zo leuk dat ze hem een brief schrijft en een tekening voor hem maakt? Wat gebeurt er met oom Jo-tje in het verhaal?
Zou jij ook zo'n oom willen hebben?
Over de Tweede Wereldoorlog
Er marcheerden twee Duitse soldaten langs en tante Gé (...) schoof de tas onder de bank. Dat had ik nooit gedaan als ik haar was, want zo liet ze zien dat er iets mee was. De oude dames hadden de gele ster niet van mijn kleren gehaald. (p. 11)
Het verhaal van Elske speelt zich af tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ga samen op zoek naar andere stukjes in het boek waaraan je kunt zien dat het oorlog is en lees ze voor. Stukjes over soldaten, over vliegtuigen, over een gele ster op kleren. Zijn er stukjes bij die je niet helemaal snapt? Vertel elkaar wat je begrijpt en wat je niet begrijpt. Wat doen die Duitse soldaten op het station? Wat bedoelt Elske met want zo liet ze zien dat er iets mee was? Wat is die gele ster?
Bedenk nog meer vragen die je hebt over de oorlogsstukjes in het boek en praat er samen over. De juf of de meester kan je er vast meer over vertellen. Zoek ook antwoorden in andere boeken en op internet.
Over onderduiken
De eenden wisten ook van de lente. Ze staken hun kop in het ijskoude water en bleven onder zolang ze konden. Onderduiken, dacht ik. Dat woord had ik de laatste maanden zo vaak gehoord. Het werd gebruikt voor mannen als Leendert en oom Jo-tje. Nu deden de eenden het ook. (p. 86)
De eenden, Leendert en oom Jo-tje zijn onderduikers. Wat is dat: onderduiken? Praat er samen over. Waarom duiken, als het oorlog is, mensen soms onder? Hoe gaat dat? Wat gebeurt er dan? Wat is het verschil tussen het onderduiken van eenden en het onderduiken van mensen? Elske noemt zichzelf in het stukje hierboven geen onderduiker. Is ze dat ook niet? Waarom denk je dat? Ken je andere verhalen over onderduikers? Heb je wel eens van Anne Frank gehoord?
Over dingen die je niet moet vragen
Ik vroeg ze niet waar mijn vader en moeder waren, en mijn twee broers. Ze zouden het toch niet hebben gezegd. Het zou gevaarlijk zijn. (p. 9)
Ik vroeg weer niet waar papa en mama waren, en Siem en Jakob. Ze zou het heus wel gezegd hebben als het kon. In plaats daarvan zei ze: ‘Als er iets is, moet je bij me komen.' Toch begreep ik meteen dat er ook dingen waren die ik niet moest vragen. (p. 14)
Waarom zou het gevaarlijk zijn als tante Gé aan Elske vertelt waar haar ouders en broers zijn? Welk soort dingen moet Elske niet vragen, denk je? Wat kan er dan gebeuren? Praat er samen over.
Staan er nog meer stukjes in het boek waarin Elske zwijgt over dingen die ze graag zou willen weten?
Als jij Elske was, zou je die vragen dan ook niet stellen? Ook niet als je het heel graag zou willen weten?
Over het verhaal van de gebroken rietstengel
Leendert begon met het verhaal, elke avond een stukje. Het heette De gebroken rietstengel. (...) Ik hoorde hoe de rietstengel daar stond, in tweeën geknakt aan de bevroren slootkant. (...) Hij was bevroren, hij was zelfs in tweeën geknakt. En toch leefde hij. ‘Het is wintertijd,' zei Leendert. Door het verhaal van de rietstengel begon ik beter te wennen aan het grote huis. Ik was ook in tweeën geknakt, ik had immers twee huizen en twee achternamen. En toch zou ik gewoon Elske blijven, begreep ik nu. (p. 20/23)
Ik dacht er diep over na, over het leven van de rietstengel. (...) Hij hoorde aan de verlaten slootkant. Daar wachtte hij tot de lente kwam. Hij zou één frisse, nieuwe scheut krijgen, dacht ik. Daarna kon hij weer rechtop staan. (p. 70/71)
Leendert vertelt Elske het verhaal van de rietstengel. Als Leendert er niet meer is, maakt Elske het verhaal af. In de winter is de rietstengel geknakt. In de lente krijgt de stengel een nieuwe scheut en komt hij weer overeind.
Wat betekent dat verhaal, denk je? Praat er samen over. Waarom vindt Elske het fijn om naar dat verhaal te luisteren?
In de bijbel staat ook een verhaal over een gebroken rietstengel. De profeet Jesaja (Jesaja 42:3) zegt:
Het geknakte riet breekt hij niet af,
de kwijnende vlam zal hij niet doven.
Het recht zal hij zuiver doen kennen.
Wat zouden die regels kunnen betekenen? Denk je dat Leendert het verhaal van Jesaja kent? Vertellen Leendert en de profeet Jesaja over dezelfde rietstengel?
Over een tekening

Deze tekening staat op bladzijde 26. Wie is Elske, denk je? Waarom denk je dat? Praat er samen over. Welke zin uit de bladzijde ernaast past precies bij de tekening?
Over de titel van het boek
Weet je wat stras is? Vertel het elkaar. Als je het niet weet, zoek het dan op in het woordenboek of op internet.
Wat vind je van de titel van het boek? Geef, zonder met elkaar te overleggen, de titel een cijfer (0 is heel slecht, 10 is heel goed) en schrijf dat op. Vertel elkaar daarna welk cijfer je gegeven hebt en waarom.
Wanneer vind je een titel van een boek goed?
Als je een boek met deze titel ziet liggen, wil je het dan meteen lezen?
Bedenk met elkaar een (nog) betere titel voor dit boek.
Over het soort boek
Vind je Juwelen van stras een meisjesboek, een jongensboek of een boek voor alle kinderen? Praat er samen over waarom je dat vindt.
‘De hoofdpersoon is een meisje, dus is het een meisjesboek.' Ben je het eens met die uitspraak?
Lezen jongens liever over een jongen en meisjes liever over een meisje?
Is Juwelen van stras een boek voor kinderen die van spanning en avontuur houden?


