32. Terugblik
Merkwaardig genoeg geniet een auteur die een enkel kinderboek schrijft doorgaans meer respect dan de kinderboekenauteur die zich aan het volwassen genre waagt. Wel levert het in beide gevallen altijd stukjes op in de krant, maar de toon is vaak waarderend als het gaat om bijvoorbeeld detectiveschrijver Henning Mankell die een jeugdboek schrijft en sceptisch als Carry Slee, om maar iemand te noemen, een nieuwe doelgroep aanboort.
Andere waaghalzen die beroemd zijn, maar (nog) niet als auteur, proberen juist vaak via het kinderboek de weg van de literatuur in te slaan. Hun verhaal, meestal iets dat moet doorgaan voor een modern sprookje, krijgt overdreven veel media-aandacht. Alsof het om een autobiografie gaat, met vaak als enige overeenkomst dat ook die geschreven wordt door een ghostwriter.
Zo gaat nu Ted van Lieshout zich op het gladde ijs begeven. Hij kondigde aan een boek voor volwassenen te willen schrijven. Dit omdat, volgens hem, het onderwerp zich niet leent voor een kinderboek. Dan verwacht je bijna dat het iets heel moorddadigs betreft of, en dat is in het geval van Van Lieshout waarschijnlijker, een ingewikkelde, want liefdevolle, pedorelatie. Op deze twee onderwerpen na schuwt de gemiddelde kinderboekenauteur sinds de taboedoorbrekende jaren zeventig geen enkel onderwerp meer. Daarom is het voor auteurs van volwassen boeken waarschijnlijk ook zo aantrekkelijk zich (incidenteel) te bekeren tot het genre. En omgekeerd trekt de Van Lieshouts en Slees dat autobiografische elementen minder sprookjesachtig weergegeven hoeven te worden.
Juist de sprookjesachtigheid zorgt in het kinderboek voor een zekere gelaagdheid. Het afgelopen jaar heb ik geprobeerd dit soort boeken te bespreken, maar Osmo's stem speelt een grote rol in de keuze. Daarmee is het een heel gevarieerde lijst van besprekingen geworden. Uiteraard komen alle `slechte' boeken op zijn conto. Aan u te beoordelen welke boeken aan mij toegeschreven kunnen worden, en u mag altijd betere suggesties doen!
Een goed 2010.
Myrte en Osmo



