leesgoed

Boekenplankje 2007

Truusje Vrooland-Löb



 Hoge aaibaarheidsfactor

Als je klein bent, is ruiken, bijten en voelen aan allerlei zaken uit de je omringende wereld heel gewoon en zelfs zeer nuttig. Zo leer je snel iets van het leven. Baby- en peuterboekjes met voelelementen zijn daarom voor deze onderzoekende leeftijdsgroep zeer geschikt en worden erg door hen gewaardeerd. Bij uitgeverij Gottmer verschenen vier kleine kartonboekjes - Aai konijn aai, Aai hondje aai, Aai eendje aai, Aai tijger aai - over allerlei jonge dieren, met op elke bladzijde een uitgestanst gat waarin een stukje nepbont zit om lekker aan te frummelen.
Bij elk gefotografeerd dier zit een passend stukje vacht. Hoewel beslist geen opwindend nieuw concept, zijn het door de smaakvolle uitvoering en de charmante kleine versjes van Bette Westera, beslist aantrekkelijke boekjes voor ‘boxbewoners' en jonge rondscharrelaars. (Gottmer, ISBN 978-90-257-4289-8, € 4,95).


Ook al werd hij onlangs tachtig jaar, wérken doet hij nog steeds: ons aller Dick Bruna. Kort na zijn verjaardag verscheen het nieuwste boek over zijn wereldberoemde figuurtje: Koningin Nijntje.
Natuurlijk woont deze koninklijke Nijn in een wit paleis en zwaaien alle onderdanen altijd hevig naar haar. Ze is populair, knipt linten door en troost konijnen met verdriet en op koninginnedag wordt er altijd een boom geplant. En dan wordt Nijntje wakker en is de droom voorbij...
Als je Bruna's boekje De koning uit 1962(!) naast deze vijfenveertig jaar jongere uitgave legt, dan blijkt de oudste zowel in grafisch als in tekstueel opzicht - ondanks Bruna's grote groei als prentenboekmaker! - eigenlijk toch een sterkere uitgave te zijn.
Het verhaal over de jonge koning die afstand doet van de troon om met het gewone meisje Roosmarijn te kunnen trouwen, is (zelfs afgezien van zijn historisch politieke knipoog naar de Engelse koning Edward) doodgewoon interessanter dan het gedroomde koninklijke leven van Nijn uit 2007.
Maar toch... we houden van Nijntje en zij doet in Koningin Nijntje wat kleuters allemaal af en toe ook doen: ervan dromen koningin te zijn. (Mercis, 978-90-5647-040-1, € 5,75).

 Ziek been

Hoewel Lucy Cousins in haar vele prentenboeken voor peuters en kleuters graag wat feitelijke informatie stopt - over kleuren, vormen et cetera - gaat ze nu echt informatievere ‘Hoe is dat?'-prentenboeken maken, die antwoord geven op allerlei zaken. In het eerste deeltje in deze ‘Muisserie', Muis in het ziekenhuis, gaat ze in op allerlei aspecten rondom de ziekenhuisopname van Muis. Want Muis is gemeen gevallen tijdens het trampolinespringen en heeft haar been gebroken.
Ze krijgt er gips om en moet een paar dagen in het ziekenhuis blijven. Ze heeft daar een beetje heimwee, maar krijgt er ook een vriendinnetje. Ze leert op krukken lopen en dan mag ze weer naar huis. Boeken over moeilijke onderwerpen als een verblijf in het ziekenhuis, zijn er wel. Maar die juiste, onopgesmukte toon die Cousins voor haar ‘boodschap' weet te vinden en de smaakvolle manier waarop ze haar verhaal in beelden weet te vertellen, maakt dit boek tot een uitschieter in zijn soort: een aanrader voor elke peutergroep! (Leopold, ISBN 90-258-5102-6, € 13,50).


Ook de moeder van Gijs uit De verjaardag van Gijs van Harrie Geelen (zonder Imme Dros) heeft haar been gewond. Zij viel namelijk over zijn verjaarscadeau, een rode driewieler en zit nu met haar been in het verband op een stoel. Dus mag de jarige Gijs samen met zijn hondje Flop naar de banketbakker om de taartjes op te halen voor zijn partijtje. Maar dan ziet Flop een kat en valt Gijs over de hondenlijn. En met hem alle taartjes..., waar Flop zich op stort.
Natuurlijk loopt het allemaal helemaal goed af en komen er nieuwe taartjes en wordt het toch een geweldige verjaarspartij (al moet Flop overgeven onder de driewieler). Harrie Geelen heeft aan alle verhalen die er al bestaan over jarig zijn, weer een nieuw geloofwaardig prentenboekverhaal toegevoegd.
Zijn peuter Gijs uit de kleine zwart-witboekjes (1990) is inmiddels een echte kleuter geworden die in gele regenkleding en op kaplaarzen pittig in zijn wereldje rondstapt en er allerlei grappige ideeën op na houdt. Geelen schildert dit jongetje transparanter en in een stillere wereld dan die van (Imme's) Roosje. Misschien zijn ze wel verre familie van elkaar, maar deze Gijs is toch vooral zichzelf; een overtuigend eigen jongensfiguurtje van Harrie Geelen. (Querido, ISBN 90-451-0554-3, € 13,95.)


 Zeeverhalen

Tot de parels uit de jeugdliteratuur behoren onmiskenbaar de beeldschone boekjes over Kleine Beer van Else Holmelund Minarek en illustrator Maurice Sendak. Sendak tekent daarin op zijn onnavolgbare wijze een veilige, warme negentiende eeuws aandoende wereld waarin kleine Beer met zijn vriendjes en zijn ouders kleine dingen beleeft.
Omdat deze titel al tijden niet meer verkrijgbaar was, hier aandacht voor een nieuwe druk van Papa Beer komt thuis (uit 1959). Vader is met zijn bootje op zee om te vissen. Dat stimuleert Kleine Beer om ook zijn hengel te pakken en met zijn vrienden te proberen een vis te vangen. In hun fantasiespel komen ze op het onderwerp zeemeermin en meent Kleine Beer dat Papa Beer er vast wel eentje zal meenemen van zijn vispartij op zee...; heerlijke jonge berenfantasietjes! (Ploegsma, ISBN 978-90-216-6519-1, € 12,95.)


In haar prentenboek zonder woorden Naar zee laat Ingrid Godon zien wat er voor jong en oud allemaal te beleven valt op een dagje aan het strand. Op haar grote dubbele krijttekeningen valt ontzettend veel te bekijken: een echte strandwinkel met begeerlijke spullen voor jonge badgasten, houten strandhuisjes, spelende padvinders op het strand, een ouderwetse ober met een dienblad met ijs en sorbets, een kindje dat garnalen zoekt met zijn schepnetje en al die blije mensen in de zee. Allemaal zoals het hoort aan de (Vlaamse?) Noordzeekust.
Wie goed kijkt, ziet alle familieleden uit het grote familieportret aan het begin van het boek ieder iets anders doen op de volgende bladzijden. Duidelijk is dat ze het allemaal reuze naar hun zin hebben aan zee. Dit lekker getekende prentenboek kwam pas eind augustus uit.
Hoewel tijdens de najaarsregenbuien ‘zee en strand' misschien niet de meest voor de hand liggende onderwerpen lijken, is het wel een boek om nog even met kleuters lekker over deze zomer na te praten voordat ze weer ondergedompeld worden in de sint- en kerstverhalen. (Lannoo, ISBN 978-90-209-7038-8, € 14,95.)



Boerderij

De meeste jonge kinderen zijn dol op dieren, en de meeste dieren hebben ook wel wat met kleine mensen. Daarom bezoeken ouders zo vaak een kinderboerderij of een dierentuin met ze. Maar als je klein bent, is een van de mooiste plekken om rond te lopen toch wel een échte boerderij. Waarbij we hier natuurlijk wel even voorbijgaan aan een eigentijdse legbatterij of grote varkenshouderij.
Nee, we willen ze zo'n echt gezellige ouderwetse boerderij, een klein romantisch gemengd bedrijf, laten zien.

Die wereld is nog steeds moeiteloos terug te vinden in hun prentenboeken. Er zijn er ontzettend veel die zich op deze locatie afspelen: van Dotje tot Muis, allemaal gaan ze naar die boerderij. Een keuze uit de nieuwste boeken.

Vijf kleine eendjes: een voel- en voorleesboek van Melanie Gerth & Eric Smith (ill.) is een aftel-wegloop-verhaaltje waarbij steeds een van de pluche eendenkuikens over de groene heuvel de wijde wereld in trippelt, tot de moeder eend zelf ook het hek doorgaat en dan al haar kinderen weer terugvindt. Vriendelijk en ruim opgezet kartonnen telboekje met een speels voelelement - lieve gele eendjes - waardoor het ook in de peutergroep een succes zal zijn. (Ploegsma, ISBN 90-216-1680-7, € 13,95).

Voor iets grotere kinderen die al geïnteresseerd zijn in letters maakten Nannie Kuiper & Alex de Wolf (ill.): Buiten op de boerderij: een verhaal van a tot z, een prentenboek waarin in steeds twee rijmende zinnen onder de illustratie heel veel informatie over het boerenleven wordt gegeven. Wie er aan toe is, pakt steeds de verwijzing naar de letter van het alfabet op.
De anderen zien een heel lekker getekend verhaal over wat een jongetje in een blauwe overall allemaal op een mooie zomerdag op de boerderij meemaakt. Alex de Wolf schildert in zijn platen heel geloofwaardig die vertrouwde wereld van kippen op een erfje, varkens die appels eten, een hooiberg om vanaf te rollen en tractoren die werken. Een lekker kijkboek, dus ook. (Ploegsma, ISBN 90-216-1670-X, € 12,95).

  

 Fotoboek

Om eindeloos weer even in te kijken en om voorgelezen te krijgen wat er naast de foto aan informatie geschreven staat: Boerderij pop-upboek: alles wat je wilt weten over de boerderij van Roger Priddy. Hij maakte een echt ‘studieboek' over dit onderwerp voor grote kleuters en zorgde voor een uitklapverassing op elke pagina. Zoals het kuiken dat uit een ei komt, de ganzensnavel die beweegt en de tractor die ineens uit de bladzijde naar voren komt.
De duidelijke en lieve foto's vormen natuurlijk de basis van het boek. Daarbij geeft hij heel wat leuke informatie over de dieren en de boerderij, met een wisselende moeilijkheidsgraad. (Piccolo, ISBN 90-00-03734-4, € 8,95).

Eigenlijk is Op de boerderij uit de serie ‘Mijn eerste dierenboek' meer een uitgave voor zesjarigen, maar ook vierjarigen zullen er al met plezier in bladeren en kijken. Want naast de foto's staat in een cirkel steeds wat eenvoudiger informatie, terwijl de tekstblokjes daarnaast beslist wat moeilijker zijn. Maar de spelletjes achterin zijn beslist wel te doen met kinderen van een jaar of vier. Een opgroeiboek voor kleuters, dus! (Standaard, ISBN 90-02-22155-X, € 9,95).

Mijn eerste WinklerPrins dierenboek van Dawn Sirett en het creatieve team van uitgeverij Dorling Kindersley (serie ‘Kijk en ontdek'), is eveneens een informatieve foto-uitgave voor kinderen van 4-6 jaar. Hier komen naast boerderij- en huisdieren ook de bekendste dierentuindieren aan de orde. Een speelse uitgave met uitgestanste figuren, halve pagina's en sjablonen om na te tekenen. Mooie foto's, leuke spelletjes, vragen en grappige vondsten om als kleuter regelmatig mee bezig te zijn en ook in een peutergroep (dierendag) mee te ‘werken'. (Het Spectrum/Standaard, ISBN 90-712-0618-1, € 11,95).


 Spookje

Draken, krokodillen, heksen en spoken; wij weten dat zij de nachtelijke bezoekers zijn van de dromen van kleine kinderen en dat die soms doodsbang voor ze zijn. Prentenboeken over draken en engerds die door kinderen zelf worden bestreden tot miniprobleempjes waardoor hun echte angsten vakkundig geëlimineerd worden, zijn dus altijd welkom. Hier is er weer een.

Als Merel naar bed wil gaan, blijkt er ineens een spookje in haar bed te liggen dat heel egoïstisch de dekens naar zich toetrekt en: ‘Van mij!'roept. Merel sommeert hem een beetje op te schuiven, want niet alleen zij, maar ook Beer moet er nog bij in bed. De volgende ochtend zit het spook al in bad met alle badspulletjes dicht tegen zich aan. Ook aan het ontbijt gedraagt hij zich weer egoïstisch want hij smeert een enorme stapel boterhammen voor zichzelf. Maar gelukkig was er nog een stuk taart van gisteren over, voor Merel. Van samenspelen heeft hij ook geen kaas gegeten, want hij wil de schommel in de boom ophijsen voor zichzelf, de bal hebben en bovenop de knikkers zitten. Toch weet het meisje Merel het spookje in het prentenboek Van mij! van Mathilde Stein & Mies van Hout (ill.) in de loop van de dag zo te socialiseren dat ze uiteindelijk gezellig samen gaan pannenkoekenbakken. Dan wordt er net als ze gaan eten aan de voordeur gebeld. Het is iemand van het kasteel op de heuvel die een weggevlogen spookje zoekt dat klein is en wit en nogal ongezellig, dat nooit iets wil delen en nooit iets samen wil doen. Zo'n spookje kent Merel niet, want dat bij haar is langsgekomen is juist gezellig en behulpzaam. Maar ook spokenouders missen hun kind, al is dat nog zo'n vervelend spook...

Een gezellig, grappig en wensvervullend prentenboek over eng/niet-eng en asociaal gedrag/sociaal wenselijk gedrag, waarin het stoere en onverstoorbaar laconiek reagerende meisje een glansrol speelt. (Lemniscaat, ISBN 90-5637-862-7, € 12,95).


  Boeken mét...

Een zestal ‘boeken met iets extra's' voor jonge kinderen.

Het stevig kartonnen bedtijdboek voor kinderen vanaf een jaar of twee van Susan Curtis (tekst) en Janet Samuel (illustraties): Slaap, kindje schaap, heeft voelelementen: vijf wollige schaapjes. Zij moeten van hun moeder naar bed, maar hebben allemaal een smoesje om dit moment uit te stellen. Eentje wil nog een slokje water, eentje wil een kusje, eentje moet zijn beer nog zoeken, eentje is nog niet moe. We kennen het. Gelukkig vindt het laatste schaapje het beneden niet leuk in zijn eentje en gaat toch ook maar naar bed.

Als ze dan allemaal in slaap zijn zegt moeder schaap: "Slaap kindjes schaap, en geen geblaat... Ook ik ga naar bed, het is al laat! Welterusten". Door vijf uitgestanste rondjes kun je de wollige lammetjes voelen en merk je bij het omslaan van de pagina's (goede truc!) dat er steeds eentje verdwijnt. Zo leer je met dit charmant vormgegeven speelprentenboek dus ook tot vijf tellen. (Ploegsma, ISBN 90-216-1859-1, € 13,95).


Prinsessen, ridders en piraten zijn de laatste tijd erg populair bij jonge kinderen. Met Kleine Mol wordt piraat (Wilson Peters- tekst & Sue Hendra-illustraties) kunnen ze zich even uitleven in het aankleden van een mol. Boven in dit ‘doosboek' bevindt zich een lade met in de vakjes allerlei kledingstukken. Die 20 losse magnetische stukjes moeten op de kartonnen pagina's met steeds een verschillende situatie aangebracht worden. Op de ene bladzijde is Mol piraat, op de volgende bestrijdt hij als ridder een draak, vervolgens is hij een deftige heer om tenslotte als piloot het boek af te sluiten. Grappige situaties die bij het aankleden wel enig denkwerk vergen voor kinderen vanaf een jaar of vier. (Van Holkema & Warendorf, ISBN 90-269-1464-4, € 14,95).

  

  Niet nieuw

Pop-up boeken zijn er al heel lang, al wel meer dan honderd jaar. Technische mensen - paper engineers - zorgen ervoor dat datgene wat de illustrator of de fotograaf uit de pagina wil laten springen, ook echt werkt en lang meegaat. Een heel apart vak. Mijn grote pop-upboek te land, ter zee en in de lucht van Roger Priddy is zo'n uitgave die je ook als volwassene verbaast, omdat op een heel mooie manier de knap gefotografeerde voorwerpen ineens door dit effect driedimensionaal worden. Tractor, oldtimer, bulldozer, stoomtrein, brandweer, raket en truck; allemaal springen ze je tegemoet uit dit boek. En de korte heldere tekst geeft grote kleuters heel wat informatie hierover. Al is deze informatieve uitgave uit 2005 door de onderwerpkeuze waarschijnlijk wel een fotoboek speciaal voor kleuterjongens... (Piccolo, ISBN 90-00-03674-7, € 8,95).


Ook A.A. Milne's beeldschone, wereldberoemde en inmiddels klassieke verhalen (1924-1928) over een jongetje en zijn speelgoedbeer en de andere dieren in het Honderd-Bunders-Bos, verschenen in 2004 op een speciale manier als Winnie de Poeh wonderboek. Het werd een uitgave waarvan elke kleurillustratie op de rechterpagina door middel van een draaischijf verandert. Een oeroud systeem, dat ook kleuters van nu nog zal aanspreken!

Op de linkerpagina staat steeds een kort verhaal uit de boeken van Milne, in de bewerking van Henny Kroonenberg gebaseerd op een eerdere vertaling van Mies Bouhuys.


‘We gaan met z'n allen op expeditie,' zei Christopher Robin.

‘Op expotitie?' zei Poeh opgewonden.

‘We gaan de Noordpool ontdekken.'

 En zo gingen ze dus op weg om de Pool te ontdekken.


Weet u het weer? Voorlezen dus, want het blijft zo mooi! En na elk verhaaltje een kind even laten draaien aan de draaischijf voor een veranderend perspectief van het getekende verhaal in de onvergetelijke beelden van de grote kunstenaar Ernest Shepard, zodat alles in dit boek nog beter beklijft. Want dat willen we toch van de echte kinderliteratuur? (Piccolo, ISBN 90-00-03605-4, € 14,95).

  

  Met flapjes

Boeken met verrassende flapjes - ook al een zeker honderd jaar oude techniek - doen het nog altijd goed bij (een groep) peuters en kleuters. Lucy Cousins is een prentenboekmaakster die met smaak al jaren vele fleurige prentenboeken met speelse elementen voor jonge kinderen maakt. Haar populaire Muisfiguurtje (wat geabstraheerd getekend met een zware contourlijn) beleeft allerlei leuks in haar brutaal gekleurde wereldje. In Het woordenboek van Muis - het grootste Muis-boek dat ooit werd gemaakt - is ze op de linkerpagina 23 keer in een of andere situatie te zien: aankleden, op de boerderij, gefeliciteerd, lekker spelen, in de zee, in bad, bedtijd. Allemaal herkenbare situaties. Op die pagina's zitten ook de flapjes. Op de rechterbladzijden worden allerlei details uit die situatie klein afgebeeld en ondertiteld met een woord (circa 300 stuks). Want het is ook een echt woordenboek. Handig als je jong bent en nog veel woorden en begrippen niet kent. En helemaal handig als je uit een ander land komt en zo spelenderwijs de Nederlandse taal kunt leren! (Leopold, ISBN 90-258-5032-4, € 17,50).

  

Gonnie & vriendjes van Olivier Dunrea over twee ganzenvriendinnen met kaplaarsjes aan, is een groot kartonboek voor peuters met flapjes. Door de flapjes op te tillen leren we op een speelse manier iets over kleuren, tegenstellingen, de seizoenen, getallen en we leren ook hun vriendjes blauwe Bob en Eddie-met-de-pet kennen. Dan vindt het viertal een ei. Een groot ei, dat ineens Krrrak! doet. En uit het ei komt het ganzenkuiken Ollie. Veel lenteplezier! (Gottmer, ISBN 978-90-257-4201-0, € 9,95).


  Zonder woorden

Voor jonge kinderen zijn boeken zonder woorden extra leuk omdat het ze een gevoel van ‘macht', van zélf doen geeft. Woordloze prentenboeken hebben natuurlijk ook een extra praatfunctie. Want het verhaal staat niet helemaal vast en kan steeds en beetje veranderd worden (creatieve verhaallijn). Dit soort boeken waarin het beeld bepalend is, kunnen ze helemaal zelfstandig lezen. En dat is fijn als je een jaar of drie bent.

In Mag dat, Ollie?, het tweede deel over een klein meisje (het eerste deel, Waar gaat Ollie naartoe?, werd met een Leespluim bekroond), staat Ollie 's morgens als iedereen thuis nog slaapt, stilletjes op. Ze trekt haar badpak aan, stapt op haar fiets en beleeft dan allerlei ondeugende avontuurtjes. Natuurlijk gaan pappa en mamma als ze wakker worden haar ongerust zoeken en vinden ze haar terug in het park.

Juliette de Wit schilderde een vrolijke stadswereld met erg veel aantrekkelijke details, waarin het kind van alles beleeft. Zien we daar de bekende Utrechtse kinderboekwinkelierster Ria L. bij haar winkel met het wagentje van Pluk dat normaal voor de Amsterdamse boekwinkel staat?
De dingen die Ollie meemaakt zullen grote peuters en jonge kleuters zeker verrukken, want ze zijn goed doordacht en uiterst sympathiek en overtuigend weergegeven. En het is ook fijn voor de identificatie / integratie van allochtone peuters dat Ollie - dochter van een donkere vader en een blanke moeder - een gekleurd kindje is! (Lannoo, ISBN 978-90-8568-4, € 12,95).

Gilles Eduar maakte van De vrolijke feesttrein een smaakvol uitklapprentenboek over dieren die op een ouderwetse feesttrein stappen op weg naar de bruiloft van twee nijlpaarden. Ze komen in steeds opklimmende aantallen zodat de jonge kijker in dit boek lekker kan meetellen. Aan het eind van het verhaal als je de platen uitklapt en de achterkant (de terugweg) bekijkt, dan zie je dat de zaken behoorlijk ontregeld zijn geraakt. Net als soms met feesten in het echte leven het geval is. Een boek voor twee-/driejarigen om mee te spelen, dus. (Querido, ISBN 978-90-451-0410-2, € 9,95).


  Zinnige prentenboeken (met Nina's)

Net als de zindelijkheidstraining is het afkicken van de (jarenlange troost!) fopspeen een belangrijke mijlpaal in het leven van kleine mensen, waarover al talloze prentenboeken zijn verschenen. Door hun herkenbare thematiek bieden zij kinderen meteen een beetje steun bij dit proces en zijn ze verder natuurlijk op zichzelf ook leuk om te lezen als je een jaar of drie, vier bent. Brigitte Weninger schreef met Dag-dag speentje een aardig verhaal over het kleine katje Nina, dat haar speentje verliest.
Eigenlijk had ze het niet echt meer nodig omdat ze al groot is (behalve misschien soms als ze moe of verdrietig is). Haar verloren speentje maakt een creatieve reis langs allerlei dieren: de olifant gebruikt hem als slurfring, het lammetjes gebruikt hem als haarband om de krullen uit haar ogen te houden, de kuikens zien er een schommeltje in en Biggetje doet hem om haar staart.
Maar dan is Nina moe en heeft zij haar speentje nodig. Alle dieren helpen haar zoeken, maar als ze het speentje buiten na alle avonturen nogal verfomfaaid terugvinden, besluit Nina er nu echt afstand van te doen. Op een originele manier. Yusuke Yonezu illustreerde dit verhaal op eigenzinnige wijze. Haar door de vele arceringen wat ‘stekerig' en stevig aandoende tekeningen zijn ontegenzeggelijk charmant en maken van dit verhaal een echt lekker (en bruikbaar!) prentenboek! (De Vier Windstreken, ISBN 978-90-5579-862-9, € 11,95).


De andere Nina in een zeer bruikbaar prentenboekje voor peuters is een hondje. Nero en Nina thuis is een aanwijswoordenboekje uit een populaire Franse serie waarin twee hondjes allerlei bekende voorwerpen in huis laten zien Van tafellaken tot wekker en alles wat op een dag gebruikt/gezien wordt daartussen in. Reuze handig als je klein bent om samen met iemand al die huiselijke voorwerpen te benoemen (helemaal als Nederlands niet jouw eerste taal is!).
Het opvallende aan dit boekje zijn de sympathiek schijnonhandig geschilderde platen van Georg Hallensleben. Hij wist ook vele kleine schilderijtjes van voorwerpen zo te arrangeren op de pagina dat ze een harmonieus, en overtuigend en smaakvol geheel vormen. Maar waarom de naam van zijn echtgenote (Anne Gutman) nu zo prominent op het omslag van dit woordenboekje moest staan, is een raadsel. Het zal de liefde wel wezen. (Lemniscaat, ISBN 978-90-5637-920-9, € 9,95).


  Oud goud opnieuw

De Amerikaans-Italiaanse reclameontwerper en prentenboekmaker Leo Lionni (Amsterdam, 1910 - 1999) was in de jaren zestig en zeventig een gerenommeerd een veelvuldig bekroond (Caldecott Medal) illustrator/auteur van bestsellers als Blauwtje en Geeltje. Hij was kort na zijn emigratie voor de Tweede Wereldoorlog al zo bekend, dat toen Eric Carle na de oorlog vanuit Duitsland naar Amerika emigreerde en in New York aankwam, hij direct met zijn map werk op Lionni afstapte. En van hem leerde hij de eerste kneepjes van hoe je een prentenboek moet maken!

Nu is van Lionni het prentenboek Een vis is een vis uit 1970 heruitgegeven in een frisse nieuwe vertaling van Joke Linders. En het blijft een alleraardigst verhaal over vriendschap, groei en verandering en toch jezelf blijven. Twee vriendjes, een kikkervisje en een karpertje zwemmen in de rivier. Maar dan beginnen er pootjes te groeien bij het kikkervisje en kruipt hij op een gegeven moment aan land. Als de vis hem wil volgen, blijkt algauw dat een vis dat niet kan: een vis is nu eenmaal een vis en hoort in het water. Mooi subtiel in krachtige potlood-/krijttekeningen verteld door Lionni (Rubinstein, ISBN 978-90-5444-197-7, € 12,95).


In 1974 maakte Eric Carle Mijn eerste boek over kleuren. Nu is deze heruitgegeven als klein kartonboekje met draai-elementen. Het bovenste deel is een stuk kleur (op de typische wijze van Carle op sitspapier geschilderd) en door omslaan moet je het passende voorwerp in dezelfde kleur (structuur) vinden en de pagina tot een harmonieus geheel maken. Leuk om te doen!

En ook leuk om te zien dat deze twee ‘Grand Old Man' van het prentenboek het nog steeds goed doen! (Gottmer, ISBN 978-90-257-4205-8, € 4,95).


 Tip

Meer informatie over boeken voor jonge kinderen is te vinden in de jaarlijks verschijnende Peuterboekengids 0-4 jaar (Biblion Uitgeverij). Verkrijgbaar in de boekhandel. Zie ook http://www.nbdbiblion.nl/?pagina=7871.

Het cadeau dat lezen heet

In beeld: Een vijver vol inkt - Sieb Posthuma

Het gaat niet om boeken, maar om een rijk leven. Interview met Majo de Saedeleer
Karin Kustermans

Boeken die je wilt houden. Jeanette Winterson over lezen

De mooiste cadeautjes. Voor u geselecteerd
Karin Kustermans

Tien! Onder de boom
Marjoleine Wolf

De Wijde Blik. Hans Hagen over lezen

Lees verder Lees verder

Rijkdom

Straks liggen er weer pakjes onder de boom. Misschien, waarschijnlijk, zijn er van die typische rechthoekige bij die, zelfs met een mooi papiertje en een grote strik erom, niet kunnen verhullen dat ze ondanks hun bescheiden omvang hele werelden in zich dragen, en het vooruitzicht van uren genot.

Lees verder Lees verder
Inhoud eerder verschenen nummers
<= 2011-6 =>