leesgoed

Vensters op de Canon

Heden en verleden in (jeugd)literatuur en musea

Op 14 januari vindt op de Universiteit van Tilburg het jaarlijkse symposium over jeugdliteratuur plaats.

Dagindeling


09.30 - 10.00       Aankomst, koffie/thee

10.00 - 10.15       Welkom

10.15 - 11.00       Plenaire lezing door Herman Pleij

11.00 - 11.15       Koffie-/theepauze

11.15 - 12.15       Keuzeprogramma, eerste ronde


12.15 - 13.15       Lunch


13.15 - 14.15       Keuzeprogramma, tweede ronde

14.15 - 15.15       Keuzeprogramma, derde ronde

15.15 - 15.30       Koffie-/theepauze

15.30 - 16.00       Uitreiking E. du Perronprijs. Genomineerd zijn: Hülya Ciðdem met De importbruid, Adriaan van Dis met Leeftocht en Nelleke Noordervliet met Snijpunt

16.00 - 16.45       Afsluitende lezing door Ted van Lieshout

16.45 - 17.30       Borrel


Programma


Plenaire lezing

Herman Pleij (cultuurhistoricus en auteur)  Wat moet het kinderboek met de canon?

  

Thema 1: Voorschoolse en vroegschoolse leeftijd

Truusje Vrooland-Löb (publiciste/resencente kinder- en jeugdliteratuur en auteur)  Gisteren, vandaag en morgen. Jonge kinderen en Vadertje Tijd in hun prentenboeken

Sabine Niekel (educatief medewerker Museumeducatie.nl)  Zijn musea bang voor kleuters?

Tjibbe Veldkamp (kinderboekenschrijver) & Richard de Wal (coördinator cultuureducatie primair onderwijs)  De molenmuis


Thema 2: Basisschool

Margreet van Wijk-Sluyterman (docent Nederlands en Nederlands als Tweede Taal)  Een canon van illustraties in de jeugdliteratuur?

Ida Schuurman (educatief medewerker Muiderslot)  Is dit kasteel echt of namaak? Over de uitgangspunten bij de recente herinrichting van het Muiderslot

Jan Paul Schutten (kinderboekenschrijver)  1600: Slag bij Nieuwpoort


Thema 3: VMBO

Huub Kurstjens (toetsdskundige CITO Instituut voor Toetsontwikkeling) Een digitale canontoets: al doende leert men

Babette van Ogtrop & Liesbeth Ruben (tentoonstellingmakers Tropenmuseum Junior)  Het vreemde vertrouwd

Robin Raven (verhalenverteller, kinderboekenschrijver en docent Godsdienst en Levens­beschouwing)  Er was eens... Soedah, laat maar... so lang geleden, ja?


Thema 4: HAVO/VWO

Hubert Slings (directeur van stichting entoen.nu)  Waarom Nederland een canon nodig heeft

Gerard Rooijakkers (medewerker onderzoek etnologie Meertensinstituut) De canon met de kleine c [onder voorbehoud]

Job Degenaar (dichter en docent Nederlands)  Und was will der Dichter damit sagen?


Thema 5: De Canon van Nederland en de bèta-vakken

Ionica Smeets (freelance wetenschapsjournaliste en promovendus wiskunde aan de Universiteit Leiden)  Leuke boeken over bètawetenschap

Ingeborg Snelleman (projectleider tentoonstellingen Kasteel Groeneveld)  Wat is natuur?

Govert Schilling (sterrenkundejournalist en auteur)  Hoe vertel ik het mijn kinderen?


Afsluitende lezing

Ted van Lieshout (auteur en illustrator)  Maak van de Canon geen Olympus


Inschrijving

Inschrijving is alleen mogelijk door inzending van de antwoordkaart of via de website van de UvT. U kunt een bijdrage in de kosten overmaken op bankrekening 45 50 77 045 t.n.v. UvT, Dante gebouw 310, code 5500.3210.
De bijdrage bedraagt € 50,- voor fulltime studenten (HBO en universiteit, onder vermelding van studentkaartnummer) en € 150,- voor anderen.
Deze bijdrage is inclusief Leesgoed 2008-8 en de symposiumbundel. Om eventuele problemen te voorkomen, verzoeken wij u bij betaling duidelijk de naam van de deelnemer te vermelden. U wordt verzocht u persoonlijk voor één van ­­de thema's in te schrijven en de deelnemersbijdrage te voldoen vóór 5 januari 2009. Documentatie wordt daarna toegezonden.
Vanwege reeds gemaakte kosten en gedane reserveringen die bij de organisatie in rekening worden gebracht, wordt bij afmelding na 5 januari 2009 en bij afwezigheid zonder bericht, een bedrag van € 65,- in rekening gebracht.

Contact:

Carine Zebedee, UvT, FGW (Faculteit Geesteswetenschappen)
Postbus 90153
5000 LE  Tilburg.
Tel. 013 466 26 68.
Fax 013 466 28 92.
E-mail: acw@uvt.nl.
Website UvT: hier.

Sprekers

Hieronder worden de sprekers in alfabetische volgorde voorgesteld. Van twee lezingen was de inhoud nog niet beschikbaar bij het ter perse gaan van dit nummer.


Job Degenaar

Job Degenaar (1952) deed in 1983 zijn doctoraal examen Moderne Letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is nog parttime als docent Nederlands werkzaam, met name voor hoogopgeleide anderstaligen. Van hem verschenen acht dichtbundels in Nederland, waarvan vier bij uitgeverij Thomas Rap, en een bloemlezing van zijn poëzie in Polen (vertaald door dr. Jerzy Koch, Wroclaw University Press). Hij vertaalde met Jan Donkers en Rob van Essen liedteksten en gedichten van Paul McCartney. Publiceert geregeld poëzie en beschouwingen over poëzie in tijdschriften en bloemlezingen en schrijft muziek- en theaterrecensies voor regionale bladen. Hij is bestuurslid van PEN Nederland en verantwoordelijk voor het Writers in Prison Committee.


Und was will der Dichter damit sagen?

Dichter en docent Nederlands Job Degenaar zal de aloude vraag tegen het licht houden die generaties lang de HAVO en het VWO bestookte: "Wat wil de dichter zeggen?" Hij laat daarbij zien hoe een docent op het oog zinnige vragen kan stellen over boeken die hij zelf niet gelezen of begrepen heeft.

Daarnaast gaat hij in op wat als de ‘literaire canon van Nederland' gepresenteerd is en op boeken die minstens zo waardevol zijn, maar daarbuiten vallen. Zijn eigen positie als dichter komt hierbij ook aan de orde, evenals de vraag wat zijn inziens het uiteindelijke doel is van literatuur, met name in het middelbaar onderwijs.


Huub Kurstjens

Drs. H. K. J. (Huub) Kurstjens is toetsdeskundige Geschiedenis en staatsinrichting en verbonden aan Cito (Instituut voor Toetsontwikkeling) te Arnhem (Nederland).
Huub Kurstjens (1956) heeft bijna 20 jaar leservaring als docent geschiedenis en aardrijkskunde, in het bijzonder aan het VMBO (voorheen MAVO). Hij heeft geruime tijd als auteur meegewerkt aan een geschiedenismethode voor het voortgezet onderwijs.
Daarnaast was hij bestuurslid voor de VGN (Vereniging van Geschiedenis en Staatsinrichting in Nederland). Vanaf 1993 is hij verbonden aan Cito, waar zijn hoofdtaak is het maken van de examens geschiedenis voor alle leerwegen in het VMBO.
De laatste jaren houdt hij zich ook bezig met het ontwikkelen van digitale examens geschiedenis en het vervaardigen van een digitale canontoets.

Een digitale canontoets: al doende leert men

In deze lezing/workshop zal aandacht besteed worden aan de totstandkoming van een digitale toets behorend bij de 50 vensters van de canon.
De toets is bedoeld voor leerlingen van 12-14 jaar (onderbouw V.O.) en diagnostisch van aard. Er wordt veel gebruik gemaakt van film, muziek en beelden in combinatie met afwisselende en interactieve vraagvormen. Er zullen enkele voorbeelden van vragen gepresenteerd worden met aan het eind een overzicht van de behaalde scores. Gezamenlijk zal gekeken worden naar de moeilijkheidsgraad en de haalbaarheid van de toets. Zijn wij zelf wel 'canonproof' ....?!

Ted van Lieshout

Ted van Lieshout studeerde aan de Rietveldacademie. In 1984 verschenen zijn eerste boeken: de jeugdroman Raafs Reizend Theater en de dichtbundel Van verdriet kun je grappige hoedjes vouwen. In 1995 kreeg hij de Gouden Griffel voor Begin een torentje van niks. Dat was de eerste keer in de meer dan veertigjarige geschiedenis dat deze prijs naar een dichtbundel van één auteur ging. Hij beoefent vele genres en zoekt daarin naar vernieuwing. In 2002 verscheen zijn eerste Papieren Museum, door hemzelf aangeduid als een ‘poëssay'.

Naast schrijven en illustreren geeft Ted van Lieshout veel lezingen over eigen werk en over de stand van zaken in de jeugdliteratuur en is hij ook op andere manieren actief binnen de wereld van het kinderboek. Zo heeft hij zich onder meer ingezet voor een verbetering van de positie van illustratoren.

In 2004 was Ted van Lieshout de vijfde Leonardo hoogleraar aan de Universiteit van Tilburg. Deze leerstoel is bedoeld voor dubbeltalenten.


Maak van de Canon geen Olympus

In de Papieren Museumboeken, Heer Beeld, ik wil u niet ontrieven (2002), Ik schrijf men komt binnen (2004) en De engel met twee neuzen (2007) probeert Ted van Lieshout op eigenzinnige wijze informatie over te brengen op lezers in het algemeen en jeugdige in het bijzonder. In deze lezing laat hij zien welke criteria hij heeft gehanteerd bij het tot stand brengen van de keuzes die hij maakte, en breekt hij een lans voor een hoge mate van zelfstandigheid bij degenen die kennis aanbieden en tot zich nemen. Daarbij speelt creativiteit een sleutelrol.


Sabine Niekel

Sabine Niekel is in 2005 afgestudeerd aan de IPABO en heeft een jaar lesgegeven aan een combinatiegroep 3/4 op een basisschool in Purmerend. Naast haar werk assisteerde ze de educatief medewerker van het Purmerends Museum, waar ze haar eerste ervaring op deed met museumeducatie. In de lente/zomer van 2008 is Sabine drie maanden naar Polen geweest, waar ze het Nationaal Museum in Krakau adviseerde over hun educatieve programma. Ze werkt momenteel bij Museumeducatie.nl. Daarnaast studeert ze dit schooljaar af aan de Reinwardt Academie.


Zijn musea bang voor kleuters?

Ze zeggen wat ze denken en beleven hun omgeving met hart en ziel: kleuters! Het is een gegeven dat het aanbod van kleuterprogramma's in musea kleiner is dan het aanbod voor midden- en bovenbouwklassen. Museumeducatie.nl heeft door middel van een enquête een kort onderzoek gedaan naar het aanbod educatieve programma's voor kleuters in de Nederlandse/Vlaamse musea. Als je als museum een programma voor deze jonge doelgroep wil ontwikkelen, waar moet je dan op letten?


Babette van Ogtrop en Liesbeth Ruben

Babette van Ogrtrop en Liesbeth Ruben zijn tentoonstellingsmakers van Tropenmuseum Junior. Samen schrijven zij boeken bij de tentoonstellingen.

1995: Verhalen om niet te verdwalen, over Aboriginals in Noord-Australië (Vlag en Wimpel, CPNB).

1997: Mario ♥ Olimpia, een liefdesnovelle uit Bolivia (Zilveren Griffel, CPNB).

2000: Kofi een koningskind, over de Ashanti in Ghana (Glazen Globe, KNAG).

2003: De paradijsstraat, over Iran (eervolle vermelding Jenny Smelik/IBBY-prijs).

2006: Stek in de stad, over Bombay.

Een tentoonstelling met een boek over China is in voorbereiding.


Het vreemde vertrouwd

Tropenmuseum Junior is opgericht in 1975 om voor kinderen van 6-13 jaar tentoonstellingen te maken. Door de jaren heen ontwikkelde het een wekmethode die kinderen in hoofd en hart raakt, op een leeftijd waarop ze open staan voor het nieuwe. Het museum levert een bijdrage aan de opvoeding van kinderen tot nieuwsgierige wereldburgers met interesse in ander mensen.

In de tentoonstelling gebeurt dat door de kinderen onder te dompelen in een speciaal daarvoor gemaakte omgeving, vol voorwerpen, licht, geluid, activiteiten en medewerkers die de kinderen meteen in een verhaal zetten: 'Jullie willen het maken in Bombay, zonder een roepie op zak, zonder familie, zonder relaties?'
De kinderen reizen in een volle trein het Bombay van de tentoonstelling in en worden aan het werk gezet in een van de werkplaatsen. De kinderen worden ertoe aangezet, hun vindingrijkheid te tonen, hun B-factor, de Bombayfactor. Net als Gauri, het meisje dat de sterren van de hemel danst, ook al heeft ze maar één been. Het verhaal van de tentoonstelling wordt gebracht met de vanzelfsprekendheid van het leven zelf, geen veronderstelde wij en zij, geen vergelijkingen, geen afstand, alles komt dichtbij.

Bij elke tentoonstelling produceert Tropenmuseum Junior een boek. Elk schoolkind krijgt een eigen boek ter voorbereiding op het schoolbezoek. Daarna gaat het boek mee naar huis. Zo komen de boeken ook terecht in gezinnen waar niet of nauwelijks een boek is. Daarnaast is het boek los te koop, voor of na het bezoek, of los van de tentoonstelling.

De boeken staan vol persoonlijke levensechte verhalen. Weinig is verzonnen. Het zijn verhalen, die het vreemde vertrouwd maken en ingewikkelde werkelijkheden ontsluieren. Het plot is fictief. De valkuilen van het informatieve kinderboek worden omzeild. De hoofdpersonen leer je van dichtbij kennen. De boeken staan boordevol foto's. Wat beelden vertellen, wordt niet met woorden uitgelegd.
De verhalen spelen zich af in gebieden waar orale traditie sterk ontwikkeld is. Dat maakt dat de verhalen vol staan met spreekwoorden, liedteksten, trommelboodschappen, gedichten en symbolen. Het verhaal wordt verteld in een beeldende vertellende stijl.
De leerkrachten worden gevraagd om voor te lezen, terwijl de kinderen meelezen, bladeren of naar de foto's kijken. De leerkrachten waarderen de boeken met een dikke 9. Het streven van de schrijvers is een boek te maken van het leven zelf.


Herman Pleij

Herman Pleij (1943) is emeritushoogleraar Historische Nederlandse Letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam. Recent verschenen Het gevleugelde woord (2007), als deel twee van de Geschiedenis van de Nederlandse Letterkunde, en Komt een vrouwtje bij de drukker... Over gezichtsveranderingen van de literatuur uit de late Middeleeuwen (2008). Binnenkort komt uit Zwemmen er haaien in de slotgracht?, een boekje gebaseerd op vragen van kinderen over de Middeleeuwen. Nu werkt hij aan een boek over de schrijfster Anna Bijns en het Antwerpen van de zestiende eeuw, en een roman over Willem van Oranje.


Wat moet het kinderboek met de canon?

De canon van Nederland wil vooral een houvast bieden voor het onderwijs. En het kinderboek is van meet af aan ingezet om lering te verstrekken en op te voeden. Vooral het geschiedenisonderwijs heeft daarvan kunnen profiteren. Voor veel kinderen is het verleden opengegooid met boeken als Fulco de minstreel, De scheepsjongens van Boentekoe en De Kinderkruistocht. Het is zeer de vraag of deze lijn aanbevolen moet worden voor de toekomst. Voor het onderwijs in het verleden biedt de nieuwe canon heel wat moderne ontsluitingen en aantrekkelijk digitale didactiek. Maar laat het kinderboek er buiten. Auteurs horen geheel naar eigen inzicht te beslissen hoe en waarover ze kinderboeken willen schrijven. Daar zal vast het nodige over vroeger bij zijn, al dan niet gestuurd door de canon. En dat is dan meegenomen.


Robin Raven

Robin Raven is docent Godsdienst en levensbeschouwing aan de Marnix Academie (Pabo) te Utrecht. Daarnaast is hij verhalenverteller en kinderboekenschrijver. Hij publiceerde de 10+ boeken De vloek van Pak (2006) en Strijd in het regenwoud (2007); boeken waarin de vergeten periode van de politionele acties centraal staan en waarin het niet gaat om traditionele goed-fout schema's, maar over hoe in het reine te komen met jezelf. Voor het multiculturele project Stel je voor (2008) schreef hij acht Indische fabels over de hagedis Tjitjak en prins Siddharta. Zijn nieuwste jeugdroman Treinkaping! staat gepland voor maart 2009.


Er was eens... Soedah, laat maar... so lang geleden, ja?

De titel van mijn lezing klinkt als een sprookje, een vage echo uit een ver verleden, en misschien is dat ook wel zo. De onafhankelijksstrijd in Indonesië was een schokkend breekpunt in onze koloniale geschiedenis.
Er werd keihard gevochten, aan beide kanten vielen duizenden slachtoffers. Veel Nederlandse soldaten keerden gebroken terug en verzwegen de gruwelen die zij in Indië hadden meegemaakt. Het verleden zou hen nooit meer loslaten. Nachtmerries, depressies en onbegrip van buitenstaanders kwelden hen voor de rest van hun leven.
Over deze periode is in de Nederlandse jeugdliteratuur bijna niets te vinden. Het lijkt wel alsof dit zware en pijnlijke onderwerp vermeden wordt. Veel liever praten we over de gezellige Pasar Malam en de overheerlijke gerechten als saté, nasi goreng, spekkoek en gebakken banaan.
Maar, zo vraag ik mij af, waar is de verwarring gebleven? Waar is de queeste naar de pijn, de wraakgevoelens, de heimwee, en last but not least: het vergeven maar niet vergeten? In mijn lezing zal ik proberen in te gaan op de aanleiding en de haken en ogen die gepaard gingen met het uitwerken van deze queeste.


Govert Schilling

Govert Schilling (1956) is Nederlands bekendste sterrenkundejournalist. Hij heeft nooit astronomie gestudeerd, maar raakte op 15-jarige leeftijd in de ban van het heelal, en heeft van zijn hobby zijn beroep gemaakt. Hij schrijft als freelancer over sterrenkunde en ruimteonderzoek voor kranten en tijdschriften in binnen- en buitenland. Hij is onder andere vaste medewerker van de Volkskrant en contributing editor van het Amerikaanse maandblad Sky & Telescope. Daarnaast verzorgt hij veel lezingen, en is hij regelmatig te gast bij radio- en tv-programma's om op begrijpelijke en enthousiaste wijze uitleg te geven over ontwikkelingen in de astronomie en verschijnselen aan de sterrenhemel.
Govert Schilling schreef circa vijftig boeken over uiteenlopende sterrenkundige onderwerpen (ook voor kinderen), waarvan enkele vertaald zijn in het Engels en Duits. In 2002 ontving hij de prestigieuze NWO Eureka-oeuvreprijs voor zijn bijdragen aan de popularisering van wetenschap en technologie. Kijk voor meer informatie op zijn website.


Hoe vertel ik het mijn kinderen?

Weinig mensen zijn op sterk geïnteresseerd in kennisvergaring als opgroeiende kinderen. Vanaf een jaar of acht zijn ze zich bewust van de wereld buiten hun directe gezichtskring, en stillen ze hun nieuwsgierigheid door als een ware kennisspons informatie op te zuigen. Zelfs kinderen die je met geen mogelijkheid aan Guus Kuijer en Paul Biegel krijgt, doe je een groot plezier met een rijk geïllustreerd non-fictieboek over ridders, ontdekkingsreizen, het menselijk lichaam, de prehistorie, of de kosmos - om maar eens enkele populaire onderwerpen te noemen. De non-fictieboeken zijn geschreven door volwassenen, en op de auteurs ervan rust een zware verantwoordelijkheid: zij vormen de intermediair tussen de grotemensenwereld van geschiedenis, wetenschap en techniek enerzijds en de leergierige lezers anderzijds. Doen ze hun werk goed, dan sprint er een vonk over die nooit meer dooft. Slaan ze de plank mis, dan kan er bij de lezer een onuitwisbare aversie ontstaan tegen het behandelde onderwerp. In zijn lezing geeft wetenschapsjournalist Govert Schilling zijn persoonlijke visie op de do's en don'ts van non-fictieboeken voor kinderen. Govert Schilling publiceerde onder andere de jeugdboeken Blik op oneindig, Volle maan, Kleine beer en ander nachtbeelden, Suske en Wiske ruimteboek en Mars, het rode raadsel.


Jan Paul Schutten

Jan Paul Schutten is schrijver van kinderboeken. Hij is vooral bekend vanwege zijn informatieve uitgaven. Die variëren van vrolijk en zeer toegankelijk tot steviger en meer literair. De rode draad in zijn oeuvre bestaat uit ‘verwondering'. Zijn boeken behandelen uiteenlopende onderwerpen, maar staan altijd vol met eigenaardige wetenswaardigheden en bijzondere verhalen. Of ze nu over communicerende planten, in gebarentaal pratende apen, verbazingwekkende spionage­geheimen of 17e eeuwse misdadigers gaan. De laatste jaren speelt de vaderlandse geschiedenis een steeds belangrijkere rol in zijn thema's, zoals in Kinderen van Amsterdam en Kinderen van Nederland. Voor Kinderen van Amsterdam kreeg hij de Gouden Griffel 2008.


1600: Slag bij Nieuwpoort

Vraag wanneer de slag bij Nieuwpoort was en iedereen zal zonder aarzelen 1600 zeggen. Maar wat gebeurde er tijdens die slag? Wie vocht tegen wie? Waarom? En waar...? Want het was, in tegenstelling tot wat bijna iedereen denkt, níét bij het Zuid-Hollandse Nieuwpoort. Kortom, we hebben allemaal van de slag gehoord, maar we zijn weer vergeten wat er gebeurde. Hoe komt dat? Waarom onthouden we de ene gebeurtenis wel en de andere niet? Ligt dat aan de gebeurtenissen of aan de manier waarop het gedoceerd worden? Hoe leg je de geschiedenis op zo'n manier uit dat iedereen het wél onthoudt? Moeten goede historische boeken per definitie boeien? Hoe werkt ons brein wat dat betreft? Op welke manier zou je kunnen bereiken dat elk kind daadwerkelijk elk venster van de canon kent?


Ida Schuurman

Ida Schuurman is educatief medewerker van het Muiderslot in Muiden (bij Amsterdam). Zij studeerde Nederlands en sloot haar studie af met een scriptie over een collectie oude kinderprenten. Hiervoor ontving zij de Louise Boerlageprijs, die tweejaarlijks wordt uitgereikt voor de beste doctoraalscriptie op het gebied van jeugdliteratuur. Zij is IBBY bestuurslid en volgt sinds jaar en dag de wereld van het kinderboek. In 2006 was zij gastconservator van de tentoonstelling 'Op reis met Wim Hofman' in het Letterkundig Museum in Den Haag.


Is dit kasteel echt of namaak?

Over de uitgangspunten bij de recente herinrichting van het Muiderslot

Kinderen stellen de meest opmerkelijke vragen bij of na hun bezoek aan het Muiderslot, één van de bekendste kastelen van Nederland. Een aantal van deze vragen is gebundeld is Zwemmen er ook haaien in de slotgracht? Vragen van kinderen aan het Muiderslot, geschreven door Herman Pleij (Nieuw Amsterdam, 2008).
De verwachting waarmee kinderen naar een kasteel komen, is ook één van de uitgangspunten geweest bij de ingrijpende restauratie en herinrichting van het Muiderslot in 2006. Bij het ontwerp van twee nieuwe, middeleeuwse routes door het kasteel is geprobeerd op verschillende manieren kinderen actief te betrekken bij het kasteel en zijn geschiedenis.
Er is gekozen voor een thematische invulling met inzet van nieuwe, interactieve technieken. Maar één ding bleef onomstotelijk voorop staan: het echte kasteel. Een kasteel blijft de beste plek om kinderen warm te maken voor geschiedenis. Deze voordracht gaat over een nieuwe kijk op een oud kasteel en de benadering van één van de belangrijkste doelgroepen: kinderen (al dan niet in schoolverband).


Hubert Slings

Hubert Slings (1967) houdt zich bezig met (onderwijs)beleidsadvies, cultuurdidactiek en cultuureducatie. Hij is directeur van stichting entoen.nu en voorts verbonden aan Anno, het promotiebureau voor Nederlandse geschiedenis dat in 2010 zal opgaan in het Nationaal Historisch Museum. Sinds september 2007 is hij tevens secretaris van de commissie Nationaal Plan Toekomst Geesteswetenschappen. Daarnaast is hij hoofdredacteur van LiteratuurgeschiedenisBijbel en cultuur en de schooleditiereeks Tekst in context. In 2000 promoveerde hij op Toekomst voor de Middeleeuwen. Middelnederlandse literatuur in het voortgezet onderwijs. Van 2005 tot 2007 was hij secretaris van de commissie Ontwikkeling Nederlandse Canon.


Waarom Nederland een canon nodig heeft

In 2009 worden de vijftig vensters van de Canon van Nederland opgenomen in de kerndoelen voor basisonderwijs en onderbouw VO. In de canon zijn, naast historische en aardrijkskundige onderwerpen ook de literatuur en de kunsten vertegenwoordigd. In zijn lezing gaat Hubert Slings - die aan de wieg van de canon heeft gestaan - in op nut en noodzaak van deze canon. Daarbij komt ook aan de orde hoe vensters als Hebban olla vogala, Rembrant, Max Havelaar, Van Gogh, de Stijl en Annie Schmidt via doorlopende leerlijnen vanuit het basisonderwijs nieuwe kansen bieden voor het taal-, literatuur- en kunstonderwijs. En welke mogelijkheden biedt het Nationaal Historisch Museum voor deze vakken?


Ionica Smeets

Ionica Smeets (1979) is promovendus in de wiskunde aan de Universiteit Leiden. Daarnaast schrijft ze als freelance wetenschapsjournalist voor onder andere NRC Handelsblad en Technisch Weekblad. Voor de bètacanon maakte ze het hoofdstuk over algoritmen. Op de meermaals bekroonde weblog Wiskundemeisjes laat Smeets samen met haar collega Jeanine Daems zien hoe mooi en leuk wiskunde kan zijn.


Leuke boeken over bètawetenschap

In de bètacanon staan vijftig onderwerpen waarover elke beschaafde Nederlander zou moeten kunnen meepraten. Ionica Smeets bepleit waarom ze vindt dat u helemaal niet hoeft te weten wat er in die canon staat. Ze legt daarna uit waarom het wel goed is dat er zo'n canon is gekomen - om buitenstaanders een toegankelijke inleiding tot bètawetenschap te geven. Want stel dat u een aardig (jeugd)boek over bètawetenschap zoekt, waar moet u dan beginnen? Smeets weet het en u binnenkort ook.


Ingeborg Snelleman

Ingeborg Snelleman is sinds 2002 projectleider tentoonstellingen bij Kasteel Groeneveld te Baarn. Daarvoor was zij betrokken bij de aanleg van bosprojecten in o.a. Zuid-Holland.

     Kasteel Groeneveld, buitenplaats voor stad en land, heeft tot doel haar bezoekers zodanig te raken dat zij zich verantwoordelijk voelen voor landschap en platteland. Om dat te bereiken worden er voor publiek, beleid en onderwijs debatten, workshops, educatieve programma's, schrijversavonden, (film-)festivals en tentoonstellingen (circa 7 per jaar) georganiseerd. Kasteel Groeneveld maakt onderdeel uit van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.

     Ieder jaar is er een familietentoonstelling waarin natuur en landschap een belangrijke rol spelen. Veelal wordt het verhaal dat de kinderen verteld wordt ondersteund met illustraties of boeken uit de kinderliteratuur. De afgelopen zes jaar zijn familietentoonstellingen gerealiseerd waarbij de boeken en illustraties van Annemarie van Haeringen, Jet Boeke, Ingrid & Dieter Schubert, Thé Tjong-Khing, Fiep Westendorp en Sieb Posthuma een belangrijke inspiratiebron waren.


Wat is natuur?

Aan de hand van deze filosofische vraag zal met sprekende voorbeelden worden ingegaan op hoe Kasteel Groeneveld natuur en landschap onder de aandacht van kinderen brengt in haar tentoonstellingen en educatieve programma's. Ook onderwerpen als de beeldende kracht van kinderliteratuur, kunst en kinderfilosofie zullen de revue passeren. Tot slot zal ingegaan worden op de vraag van IBBY of de Canon van Nederland niet meer aandacht moet besteden aan het erfgoed natuur (en landschap).

Tjibbe Veldkamp en Richard de Wal

Tjibbe Veldkamp is kinderboekenschrijver. Hij schreef ruim 20 boeken, voornamelijk prenten­boeken (o.a. Tim op de Tegels), maar ook boeken voor beginnende lezers (o.a. Boef in de schoen) en jeugdromans (o.a. SMS, dat verscheen in de Kidsbibliotheek).

     Richard de Wal werkt vanaf 1993 in de Bibliotheek te Hoogeveen. Hij geeft leiding aan het Team Jeugd en School. Dit team is verantwoordelijk voor de dienstverlening aan het basisonderwijs. Leesbevordering, cultuureducatie en mediawijsheid zijn speerpunten.
     Richard is binnen de gemeente Hoogeveen coördinator cultuureducatie voor het primair onderwijs. Als projectleider van het erfgoed A la Carte project Een kruiwagen vol omgeving werkt hij met het onderwijs en instanties zoals het Drents Plateau, de onderwijsbegeleidingsdienst ABC Groningen en het IVN aan een doorgaande lijn erfgoededucatie. Tevens is Richard lid van de selectiecommissie voor de kerntitels voor De Jonge Jury en is hij vertegenwoordiger van de Drentse bibliotheken in het jeugdvakberaad.


De molenmuis

Erfgoededucatie is mooi en prachtig, maar niet voor kinderen van 4 en 5 jaar natuurlijk. Of toch? Bij de bibliotheek Hoogeveen dacht men van wel. Binnen het bredere erfgoedproject en kruiwagen vol omgeving startte men speciaal voor kinderen van groep 1 en 2 een project rond de oude Hoogeveense molen.
Dit resulteerde onder andere in het prentenboek De molenmuis, geschreven door Tjibbe Veldkamp en geïllustreerd door Hans Prij, en een bijbehorend werkboek, geschreven door Itie van de Berg van onderwijsbegeleidingsdienst ABCG.
Tijdens de presentatie zal Richard van de Wal vertellen hoe dit bijzondere project tot stand kwam, hoe de relatie werd gelegd tussen erfgoed en taalontwikkeling, en hoe het project wordt ingezet in de eerste klassen van de basisschool. En Tjibbe Veldkamp zal het verhaal vertellen van de muis die in de molen wilde wonen en van de molenaar die hem er kostte wat het kost uit wilde gooien.


Truusje Vrooland-Löb

Opgeleid als jeugdbibliothecaris, maar sinds 1970 vooral freelance werkzaam als publiciste/recensente jeugdliteratuur met als specialisatie de kinderboekillustratie (o.m. in de vaktijdschriften Leesgoed en Leeskraam).

Was tevens van 1994-2000 parttime OVB/GOA-medewerker aan de Amsterdamse Openbare Bibliotheek (praktische leesbevordering op scholen in de Amsterdamse Pijp aan kinderen in achterstandssituaties/ontwikkelen van materialen voor deze doelgroep).

Sinds 1973 regelmatig lid, respectievelijk voorzitter, van jury's: Griffel-jury, Jenny Smelik IBBY-jury, Oeuvre Penseel-jury, NIC/BNO-jury, Pluim van de Maand-jury, BIB-jury (in Bratislava). In 2004 lid van de internationale Andersen-jury.

Is (co)auteur van diverse uitgaven (Ali Baba en de veertig tekenaars, Dick Bruna Biografie, Eric Carle; kunstenaar voor kinderen, Dutch Oranges, Over Imme Dros en Harrie Geelen, Getekend: Fiep Westendorp en het autobiografische Vaders atelier op zolder (2005)) en vertaler van een aantal prentenboeken.


Gisteren, vandaag en morgen

Jonge kinderen en Vadertje Tijd in hun prentenboeken

Het tijdsbegrip is voor jonge kinderen een behoorlijk gecompliceerd aspect in hun ontwikkeling. Over hoeveel nachtjes ben ik jarig? Ik ben veel groter dan mijn kleine zusje; ik ben de oudste en zij is de jongste. Wanneer komt Sinterklaas weer terug? Wat komt er als de zomer voorbij is? Was papa vroeger echt ook een baby? Is oma de moeder van mama? Kon je heel lang geleden echt varen op de Overtoom, waar nu de tram rijdt? Is het tijd om op te staan als die kleine wijzer op de zeven staat? Waar vinden we wat houvast op al deze kindervragen? In hun prentenboeken!


Margreet van Wijk-Sluyterman

Margreet van Wijk-Sluyterman is docent Nederlands en Nederlands als Tweede Taal bij  ROC Landstede in Harderwijk. Ze is ook betrokken bij het lokale bibliotheekwerk. Ze levert regelmatig bijdragen aan het Lexicon van de Jeugdliteratuur over illustratoren. Daarnaast werkte ze onder meer mee aan het schrijversprentenboek over meisjesboeken en Hans Borrebach (1995), aan het symposium en de bundel Tot volle wasdom (1999) en aan Prentenboeken, Ideologie en illustraties 1890-1950 van Saskia de Bodt en Jeroen Kapelle (2003).


Een canon van illustraties in de jeugdliteratuur?

Welke platen en afbeeldingen van jeugdboeken zouden mogelijk deel uitmaken van een (Nederlandse) canon van illustraties? 
Op die vraag zal zeker geen eenduidig antwoord te geven zijn.
Wel kunnen we van gedachten wisselen over de factoren die van invloed zijn op de canonvorming. Wat maakt dat een tekening of een geïllustreerd personage  tot de canon gaat behoren? Welke personen en instanties hebben invloed op het ontstaan van de canon?
Om een idee te krijgen van mogelijke antwoorden op die vragen is een groep kinderen gevraagd naar hun mening over een aantal plaatjes uit de afgelopen honderd jaar. Er is een onderzoek opgezet onder volwassenen van uiteenlopende leeftijden naar de bekendheid en de waardering voor een aantal illustraties en de manier waarop ze met jeugdboeken in aanraking kwamen. Ook al is het een bescheiden onderzoek, het geeft wel een richting aan en het geeft vooral veel stof tot nadenken.


Bekendmaking nominaties E. du Perronprijs 2008


Op 14 januari 2009 wordt op de Universiteit van Tilburg voor de 19e keer de E. du Perronprijs uitgereikt tijdens het jaarlijkse symposium over (jeugd)literatuur, lezen en onderwijs. De E. du Perronprijs wil mensen en instellingen bekronen die door middel van een cultuuruiting in brede zin een bijdrage leveren aan het multiculturele Nederland. Net als Du Perron in zijn tijd signaleren zij grenzen en doorbreken zij scheidsmuren die wederzijds begrip tussen de verschillende Nederlandse bevolkingsgroepen in de weg staan.


Voor de E. du Perronprijs 2008 heeft de jury de volgende auteurs genomineerd: Hülya Ciðdem, Adriaan van Dis en Nelleke Noordervliet.


Hülya Ciðdem legt in haar debuutroman De importbruid  (De Arbeiderspers 2008) een wereld open die voor veel niet-Turkse lezers een gesloten boek is. Zij beschrijft van binnenuit hoe uithuwelijking tussen emigratie-Turken met een verblijfsvergunning en Turkse Turken in zijn werk gaat. Haar roman laat zich lezen als een sociaal en persoonlijk verslag waarin zij met bewonderenswaardig gemak langs de valkuilen van de clichés scheert. Door haar persoonlijke betrokkenheid bij het verhaal ontbreekt het de auteur niet aan moed om zo ‘uit de school te klappen'.


Adriaan van Dis verzamelde, herschikte en herschreef deels de verhalen die hij verspreid publiceerde in bundels en tijdschriften in de afgelopen decennia. Uit Leeftocht (Augustus 2007) komt een fascinerend beeld naar voren van een auteur die een leven lang worstelt met de categorieën en maatstaven waarlangs wij ons leven meten en waaraan wij ons al dan niet aanpassen. Ras, nationaliteit, sekse, geaardheid, taal, gedragscodes verliezen hun eenduidigheid wanneer ze worden gedoopt in de inkt van Van Dis.


Nelleke Noordervliet schreef met Snijpunt (Augustus 2008) een prachtig boek over een middelbare schoolconrectrice die plotseling op haar werk door een Marokkaanse leerling met een mes gestoken wordt. Wat volgt kan gelezen worden op meer dan één manier: als een vertoog over de verwerking van schokkende ervaringen, als een zoektocht naar identiteit, als een aanklacht tegen een al te zelfgerechtigd humanisme en als een hedendaagse variant van een klassieke tragedie. In alle opzichten is het een verrijkend boek dat niet nalaat ons een spiegel voor te houden.

Het cadeau dat lezen heet

In beeld: Een vijver vol inkt - Sieb Posthuma

Het gaat niet om boeken, maar om een rijk leven. Interview met Majo de Saedeleer
Karin Kustermans

Boeken die je wilt houden. Jeanette Winterson over lezen

De mooiste cadeautjes. Voor u geselecteerd
Karin Kustermans

Tien! Onder de boom
Marjoleine Wolf

De Wijde Blik. Hans Hagen over lezen

Lees verder Lees verder

Rijkdom

Straks liggen er weer pakjes onder de boom. Misschien, waarschijnlijk, zijn er van die typische rechthoekige bij die, zelfs met een mooi papiertje en een grote strik erom, niet kunnen verhullen dat ze ondanks hun bescheiden omvang hele werelden in zich dragen, en het vooruitzicht van uren genot.

Lees verder Lees verder
Inhoud eerder verschenen nummers
<= 2011-6 =>